Het ‘wonder’ bij de Mariagrot

Bij de restauratie van de oude boerderij in 1989 werd veel gediscussieerd over verschillende elementen, die we wilden toevoegen. Bijvoorbeeld over een waterput met putwip. Door de komst van waterleiding was een put met putwip een mooie nostalgische aankleding van een oude boerderij. Zelfs de koperen pomp, normaal in de bijkeuken van boerderijen, was al verdwenen. Dus de put zou er komen.

De werkgroep was ook eensgezind over een Mariagrot. Bij een museumboerderij hoort in de voortuin een Mariagrot.

De Mariagrot werd als eerste gebouwd in de bloementuin tegenover de voordeur. Er werd ook een grote palmstruik bij gezet. Toevallig was er een grote struik beschikbaar bij een vrijwilliger die ging verhuizen. Kinderen vroegen na de geboorte van een baby soms, waar is die baby plotseling vandaan gekomen? Dan werd vroeger soms gezegd, dat die uit de palmstuik bij de Mariagrot was gekomen. De kinderen stelden dan geen vragen meer…

We realiseerden dus ook een put en putwip met een passende eiken gevorkte boomstam, waarin een zware stam kwam te liggen. Aan de stam kon een lange staak met hoefijzer bevestigd worden, om de emmer aan te haken. Volgens de voormalige bewoners van de boerderij had er vroeger ergens voor het huis een put gelegen. Er waren geen zichtbare sporen te vinden. Daarom gingen we zoeken met een wichelroede, maar dit leverde geen duidelijke resultaten op.

We besloten als plaats voor de put een plek te kiezen, die recht tegenover de ingang van de ‘koestal’ lag. De put hoefde niet echt te werken als watervoorziening. Het was een romantische en nostalgische aankleding van de boerderij. Met een kraan werd een gat gegraven. Toen we een meter diep waren, spoot als een wonder het water uit de grond. Hadden we een natuurlijke bron gevonden?  Het gegraven gat begon al vol te lopen met water onder onze verbaasde blikken. Dat was even schrikken! We dachten onmiddellijk aan een wonderbaarlijke gebeurtenis zo dicht bij de Mariagrot!

Na nadere inspectie, bleek dat we de hoofdwaterleiding geraakt hadden. We begrepen dat niet. Op die plek, zo ver van huis, verticaal op de lengterichting van de boerderij? Had de wichelroede niet goed gewerkt of had de leiding te diep gelegen? Dit was onduidelijk. Na het afsluiten van de leiding aan de straat, zakte het water weer en konden we verder werken.

De metselaar plaatste een paal middenin het zand van de put. Door hier vervolgens een koord aan te bevestigen, kon hij de ronding van de put bepalen en afmetselen. We gebruikten speciaal de grote ‘veldbrandstenen’. Hierdoor lijkt de put veel ouder en past deze bij de oude boerderij. De put is ondiep, maar door er de waterafvoer van dak van het voorhuis op aan te sluiten, staat er toch meestal wat water in.

De grote palmstruik heeft helaas de droge zomer van 1996 niet overleefd. Maar kinderen van tegenwoordig maak je toch niks meer wijs over baby’s en palmstruiken!

Piet Lenssen