Vraag het de slager!

Tegenwoordig weet je niet beter, vlees koop je bij de supermarkt of bij de slager. Dat was vroeger wel anders! Eind november, bij fris en helder weer kwam de huisslager naar de boerderij om een varken te slachten. Hij sneed het doormidden en hing het varken op een ladder om te besterven. Na de slacht waren de vrouwen er druk mee.

Van het bloed maakten ze balkenbrij. Reuzel werd gemalen en uitgesmolten. Van de kop maakten ze hoofdkaas en een gedeelte ging in de leverworst. De hammen werden gezouten, in potten gedaan en in de kelder gezet. De darmen spoelden ze schoon en vulden die met gemalen vlees voor lever-, bloed-, droog- of metworst.

Na 10 dagen pekelen hingen ze de hammen op zolder of in de keuken om te drogen. Een gedeelte werd gerookt. Vanaf de jaren dertig van de vorige eeuw ging men over op wecken, inmaken in glas. Het vlees werd eerst gekookt of gebraden en daarna gesteriliseerd. In de kelder van de boerderij staan nog van die glazen. In de keuken boven het fornuis zie je de hammen hangen.

November Slachtmaand! Op de Locht willen wij het verleden in ere houden. Daarom is op zondag 12 november een slager aanwezig in ons museum. Hij laat onder andere zien hoe hij een ham uitbeent en vlees verwerkt. Kom kijken en stel gerust allerlei vragen. Met plezier zal hij uitleg geven over zijn vak.